Altijd en overal werken. Klinkt aantrekkelijk. Tenzij we het te letterlijk nemen.
Ik las in de Happinez kalender het volgende stukje:
“Sommige zaken zijn niet te multitasken. Zoals het eten van een sinaasappel. Dat vereist volledige concentratie en het gebruik van beide handen. En die worden dan ook nog zo kleverig dat je het wel uit je hoofd laat om tijdens het proces je laptop en mobieltje aan te raken.
En dat is de tragiek van de sinaasappel. De consumptie ervan in Groot-Brittannië daalde vorig jaar met 2%. De consument vindt het schillen en eten van de vrucht te ingewikkeld en tijdrovend, zegt het vaktijdschrift Grocer Magazine. Handzaam of pelbaar citrusfruit zoals de mandarijn wordt juist populairder. Met smaak heeft de neergang dus niets te maken. Wel met tijd. Want de moderne lunchpauze duurt nog slechts vijftien minuten, en daarin is geen plaats voor dat mooie, trage ritueel met schilmes, schotel en servetje.
Dat maakt de sinaasappel tot een symbool van de onthaasting. En het schillen ervan een stil protest tegen het moordende tempo van het moderne leven.”
Altijd en overal werken. De kalendertekst geeft me te denken. Hebben we, na invoering van Het Nieuwe Werken, nu meer óf juist minder tijd en plaats voor het samen schillen en nuttigen van een sinaasappel?

